Weer en seizoenen

Gladheid en sneeuw op de snelweg: zo kom je veilig thuis

Door Muhammad Ehsaan · Bijgewerkt op

Een paar keer per winter worden de Nederlandse snelwegen glad. Dan staan er in een paar uur honderden kilometers file. Met goede voorbereiding en rustig rijden kom je er veilig doorheen.

Waar wordt het eerst glad?

Niet elke plek is even snel glad. Let extra op:

  • Bruggen en viaducten: die koelen van boven en van onder af en bevriezen daardoor eerder dan de rest van de weg.
  • Open asfalt (ZOAB): het stille, waterdoorlatende asfalt op de meeste snelwegen. Het houdt minder lang zout vast en kan bij bevriezing sneller glad worden. Rijkswaterstaat moet het daarom vaker strooien.
  • Schaduwplekken: langs bossen, geluidsschermen en in bochten waar de zon niet komt.
  • Op- en afritten: hier wordt soms later gestrooid dan op de hoofdrijbaan, en hier rem en stuur je meer.

Wat doet Rijkswaterstaat?

Rijkswaterstaat houdt het weer en de temperatuur van het wegdek nauwkeurig in de gaten, met meetpunten in de weg. Als gladheid dreigt, rijden strooiwagens preventief uit, meestal al voordat het glad wordt. Bij sneeuw rijden ze met schuivers in een schuine rij over de snelweg om de sneeuw van alle stroken te schuiven.

Strooien helpt niet altijd meteen. Bij ijzel, als regen op een bevroren wegdek valt, of bij hevige sneeuwval kan het wegdek ondanks strooien glad zijn. Ook werkt zout minder goed bij zeer lage temperaturen.

Strooiwagens en sneeuwschuivers

Kom je een strooiwagen tegen, haal hem dan niet in. Achter de strooiwagen is de weg net gestrooid, ervoor niet. Bovendien kunnen zoutkorrels tegen je auto slaan. Rijden er sneeuwschuivers in een rij over de weg, blijf er dan op ruime afstand achter. Ze rijden langzaam, maar ze maken de weg wel begaanbaar.

Rijden op een gladde snelweg

  1. Rijd langzaam en rustig. Geen plotselinge bewegingen: rustig gas geven, rustig sturen, rustig remmen.
  2. Houd veel afstand. Op ijs kan je remweg meerdere keren zo lang zijn als op een droge weg. Zie afstand houden.
  3. Rem op tijd en voorzichtig. Heb je ABS, rem dan stevig en blijf de rem ingetrapt houden; het systeem voorkomt dat je wielen blokkeren.
  4. Rijd in een hoge versnelling. Zo heb je minder kans dat je wielen doorslaan bij het optrekken.
  5. Wissel zo min mogelijk van strook. Tussen de rijsporen ligt vaak sneeuw of ijs.
  6. Let op matrixborden. Bij gladheid tonen ze vaak een lagere snelheid.

Als je gaat slippen

Raakt je auto in een slip, blijf dan rustig. Kijk en stuur de kant op waar je naartoe wilt. Trap niet in paniek op de rem als je geen ABS hebt; laat liever het gas los. Moderne auto's hebben vrijwel altijd ESP of ESC, dat de auto bij een slip helpt te corrigeren.

Winterbanden

In Nederland zijn winterbanden niet verplicht. Toch geven ze bij temperaturen onder ongeveer 7 graden, op natte wegen en zeker bij sneeuw en ijs veel meer grip dan zomerbanden. Allseasonbanden met het sneeuwvloksymbool zijn een tussenoplossing. In Duitsland en andere landen gelden wel regels voor winterbanden; zie met de auto naar Duitsland.

Voor je vertrekt

  • Kijk naar het weerbericht en de waarschuwingen van het KNMI. Bij code oranje of rood voor gladheid is de vraag of je echt weg moet.
  • Kijk naar de [actuele files](/files/) en de verkeerskaart. Bij gladheid ontstaan vaak in korte tijd lange files.
  • Maak je auto helemaal sneeuw- en ijsvrij. Niet alleen een kijkgaatje in de voorruit: alle ruiten, spiegels, lampen en ook het dak. Sneeuw op het dak kan bij remmen over je voorruit schuiven of loswaaien op de auto achter je.
  • Zorg voor een volle tank of een volle accu. In een lange file wil je de verwarming aan kunnen laten. Zie ook elektrische auto bij kou.

Wat neem je mee?

Bij winterweer kan een rit veel langer duren dan gepland. Neem mee:

  • een ijskrabber en een handveger;
  • een warme deken of extra jas;
  • water en iets te eten;
  • een opgeladen telefoon met een autolader;
  • een veiligheidsvest;
  • voor een lange rit eventueel sneeuwkettingen, als je naar het buitenland gaat.

Lang vast in de file

Bij hevige sneeuw kunnen snelwegen urenlang vaststaan. Blijf dan in je auto, tenzij je in gevaar bent. Laat de motor niet onnodig draaien, maar zet hem af en toe aan om warm te blijven. Zorg dat de uitlaat niet ondergesneeuwd raakt. Volg de berichten op de radio of in een app, en de aanwijzingen van weginspecteurs en politie.

Samengevat

Gladheid begint op bruggen, viaducten en open asfalt. Haal strooiwagens niet in, rijd rustig met veel afstand, maak je auto helemaal schoon en neem warme spullen mee. En bij code oranje: stel jezelf de vraag of de rit echt nu moet.

Veelgestelde vragen

Waarom zijn bruggen eerder glad?

Bruggen en viaducten koelen van boven en van onder af. Daardoor bevriezen ze eerder dan de rest van de weg.

Mag je een strooiwagen inhalen?

Het is niet verboden, maar wel af te raden. Voor de strooiwagen is de weg nog niet gestrooid en zoutkorrels kunnen tegen je auto slaan.

Zijn winterbanden verplicht in Nederland?

Nee. Ze geven bij kou, nattigheid, sneeuw en ijs wel veel meer grip. In Duitsland en andere landen gelden wel regels.

Wat moet je doen als je lang vastzit in de sneeuw?

Blijf in je auto, houd je warm, laat de motor niet onnodig draaien en zorg dat de uitlaat vrij blijft. Volg de aanwijzingen van weginspecteurs en politie.

Live op File-info